Samen van waarde

Column: Vertrouwen in “burgerkracht”

Vorige week gaf ik op verzoek een presentatie aan mijn mede-werkgroepleden van de expertgroep “nieuwe democratie”. Een groep die nadenkt over hoe we in de sterk veranderende maatschappij om zouden kunnen gaan met initiatieven vanuit burgers, deze initiatieven kunnen stimuleren en faciliteren. De groep bestaat vooral uit beroepskrachten vanuit het bestuur van gemeenten. In mijn presentatie vertelde ik hoe wij ons als zorgorganisatie aanpassen aan de veranderingen in de maatschappij en regelgeving. De keuze die wij gemaakt hebben is dat we ons sterk willen verbinden met de gemeenschap waar we gevestigd zijn, vanuit de overtuiging dat we samen met de inwoners van betreffende wijk, straat of dorp samen een beter vangnet onder meer kwetsbare medemensen kunnen leggen. Mijn verwachting is ook dat wanneer we niet in staat zijn deze verbinding tussen informele- en formele zorg te maken, er meer mensen tussen wal en schip zullen raken. Vanuit dit vertrekpunt zoeken we naar burgerkracht, wel of niet georganiseerd in een bepaalde organisatievorm.

Gelukkig lukt het verbinden met burgerkracht in steeds meer van onze werkgebieden. Opvallend is dat wanneer ik mensen spreek over veranderingen in de zorg er ongerustheid is over het feit dat we meer onderling moeten oplossen en weer meer voor elkaar moeten zorgen. We zouden daar geen tijd voor hebben en mantelzorgers zijn al te veel belast… Allemaal waar en ook herkenbaar. Wat we echter ook tegenkomen in de praktijk (en dat stemt mij zeer positief), is dat daar waar inwoners van een wijk of dorp krachten bundelen er ook heel andere ervaringen zijn. Op meerdere plekken komen we tegen dat wanneer het burgerinitiatief bij hun medebewoners inventariseert wat ze voor een wijk-, straat-, of dorpsgenoot willen doen, iedereen verrast wordt hoeveel positieve reacties dit oplevert. Op een aantal plekken is nu de situatie ontstaan dat meer mensen bereid zijn een ander te helpen dan er mensen zijn die een hulpvraag hebben! Blijkbaar willen we nog best iets voor een ander doen, waardoor wordt voorkomen dat mantelzorgers nog meer moeten doen dan nu. Ik deelde in mijn presentatie voor mijn mede-werkgroepleden meerdere van onze leerervaringen, zoals wat nodig is om de noodzakelijke verandering tot stand te brengen. Belangrijke items daarbij waren o.a.: echt loslaten, alleen faciliteren, samenwerken vanuit gelijkwaardigheid, buiten de kaders durven gaan. De belangrijkste leerervaring die ik echter meegegeven heb is: geef vertrouwen en heb vertrouwen in wat burgers zelf kunnen en willen betekenen voor elkaar!  Pas daar waar leemtes ontstaan kunnen wij als professionals onze diensten aanbieden.

 

 

 

 

 

 

 

 

Roeli Mossel
Bestuurder NNCZ

Deze column verscheen op 7 juli 2017 in de Hoogeveensche Courant.